Voor­jaarsnota 2021


Algemene beschou­wingen

7 juli 2021

Voorzitter,

In de krant vorige week: een nagenoeg leeg vliegtuig van Green(-washing) Airlines vertrekt vanuit Groningen Airport Eelde naar Mallorca, met 10 vakantiegangers aan boord.

Ook vorige week in het nieuws: bijna 50 graden Celsius in West- Canada.

We kunnen niet net doen alsof die twee dingen geen verband met elkaar houden.

Hoe vaak moet de Partij voor de Dieren nog de woorden ´existentiële bedreiging´ gebruiken in onze bijdragen, voordat we een serieus gevoel van urgentie bespeuren in de Staten?

Voorzitter, we proberen de moed er in te houden, we kijken naar wat wél goed gaat in Drenthe, bijvoorbeeld: de pogingen om tot een meer circulaire economie te komen, investeringen in zonne- en windenergie, we hebben goede en duurzame buslijnen in Drenthe we gaan het Natuurnetwerk uitbreiden, we werken aan klimaatadaptatie en woningbouw.

Maar de Partij voor de Dieren mist de samenhang in het beleid:

  • aan de ene kant fietsen naar het werk stimuleren en aan de andere kant lege vakantievluchten subsidiëren.
  • aan de ene kant de natuur willen versterken, maar wel meer dieren willen houden in Drenthe.
  • aan de ene kant boerenlandvogels willen behouden, maar ook de opkomende sierteelt met het hoge gifgebruik faciliteren.

Voorzitter, een subsidie voor het een en ook een subsidie voor het ander, dat gaat niet meer werken; er moet een overkoepelende visie zijn dat alles wat we doen als provincie, binnen de ecologische grenzen van onze enige planeet gebracht moet worden.

We overschrijden allerlei kritische grenzen met het huidige beleid; broeikasgassen, stikstof, giftige stoffen in onze leefomgeving.

Dat valt niet meer te ontkennen of te bagatelliseren. Innovatie kan ons maar ten dele helpen om binnen die parameters te blijven. Er is meer nodig. Het is tijd voor consistent beleid.

Volgens de Partij voor de Dieren zullen we de huidige problemen daarom in samenhang met elkaar moeten beschouwen en ook in samenhang moeten oplossen.

Onze economie moet als uitgangspunt hebben dat we de natuur als randvoorwaarde beschouwen, en niet als een tegenstelling.

Dit vraagt een andere manier van denken, maar hier zijn al heel veel mensen mee bezig.

De partij voor de Dieren wil positief blijven en meedenken aan oplossingen, daarom stellen we voor dat PS het komende half jaar een of meerdere Statenontmoetingen organiseert met sprekers en denkers over een ander economisch model, waarbij we afbuigen van groei en binnen de parameters, dus binnen de grenzen van de planeet blijven.

Graag horen we in de tweede termijn de visie van andere fracties op ons voorstel.

Voorzitter,

Een consistent beleid vraagt ook om consistent gedrag. De productie van dierlijke eiwitten gaat gepaard met een hoge uitstoot van broeikasgassen, dat wordt inmiddels algemeen onderkend.

Op zowel landelijk als Europees niveau wordt er daarom beleid ontwikkeld om te komen tot een hoger aandeel plantaardige eiwitten in ons voedsel: de eiwittransitie.

In de Farm-to-Fork strategie van de Europese Commissie zijn passages opgenomen over de wenselijkheid van een meer plantaardig eetpatroon.

Minister Schouten heeft afgelopen december de Nationale Eiwit Strategie aangeboden aan de kamer. Eén van de sporen waar het Rijk op wil inzetten is: verhogen van het aandeel plantaardige eiwitconsumptie.

Tot nu toe heeft de provincie Drenthe nog geen beleid ontwikkeld met betrekking tot het verhogen van het aandeel plantaardige eiwit consumptie door de mens. Dat is zonde want de eiwittransitie biedt juist heel veel kansen voor de landbouw in Drenthe, zeker nu steeds meer partijen beginnen in te zien dat we de industriële veehouderij te groot hebben laten worden in Nederland.

Gezien de urgentie van de klimaatcrisis stelt de de Partij voor de Dieren voor dat we, ook in Drenthe, serieus werk van gaan maken van de eiwittransitie. We zullen als volksvertegenwoordigers en bestuur ook zelf stappen moeten zetten.

Vandaar dat we vandaag als opmaat naar de begroting met een motie komen voor beleid voor een provinciale eiwittransitie binnen het programma Stad en Platteland.